Door de termijn op te rekken, brengen bedrijven hun toeleveranciers in grote problemen. Ondanks allerlei initiatieven om het betaalgedrag van grote bedrijven te verbeteren is de trend in Nederland niet goede kant op. Dat blijkt uit een onderzoek van accountants- en adviesorganisatie PwC naar de ontwikkeling van het werkkapitaal bij een honderdtal grote bedrijven in Nederland en België. Vorig jaar deden Nederlandse bedrijven er gemiddeld 54 dagen over om de rekeningen van hun leveranciers te betalen, vijf dagen meer dan in 2014. De jaren ervoor was de betalingstermijn juist wat afgenomen.
 
De uitkomst is interessant omdat er de afgelopen jaren veel discussie is over het betalingsgedrag van grote bedrijven. Door hun betalingstermijnen op te rekken brengen grote bedrijven hun toeleveranciers in de problemen. Zij moeten geld lenen, maar de bank is daar lang niet altijd toe bereid. Er is een Europese richtlijn die de betalingstermijn maximeert op 60 dagen. Maar dat is slechts een norm, waarvan bedrijven in onderling overleg kunnen afwijken.

Betaalme.nu 
Vandaar dat PvdA en CDA eerder dit jaar met een initiatiefwetsvoorstel zijn gekomen om de termijn van 60 dagen met behulp van sancties harder te maken. Een aantal grote bedrijven heeft zich aangesloten bij het initiatief Betaalme.nu. Deelnemers beloven om kleinere leveranciers uiterlijk dertig dagen na levering te betalen. PwC-adviseur Danny Siemes brengt wel een mogelijke nuance aan op de negatieve trend. Grote bedrijven maken tegenwoordig meer gebruik van creatieve financieringsmodellen, waarbij een bank tussen afnemer en leverancier gaat zitten. De bank betaalt de leverancier binnen 10 dagen, maar stelt tegelijk de afnemer in staat om pas na 60 dagen of nog later te betalen. Omdat het risico van wanbetaling niet bij de leverancier (klein bedrijf) ligt, maar bij de afnemer (groot bedrijf) kan de bank deze financiering tegen relatief gunstige voorwaarden verstrekken. Grote bedrijven kunnen later betalen, maar de leveranciers krijgen wel eerder hun geld.

 Werkkapitaal Nederland


Het onderzoek naar de ontwikkeling van het werkkapitaal in Nederland en België maakt onderdeel uit van wereldwijd onderzoek van PwC. Daaruit blijkt dat Nederland en België in de pas lopen met de rest van de wereld: nu de economie weer aantrekt laten bedrijven wat betreft het werkkapitaal de teugels weer wat vieren. Het totaal aantal werkkapitaaldagen is in 2015 met 5 dagen opgelopen tot 37 dagen. Behalve door het betalingsgedrag ten opzichte van de crediteuren wordt de hoeveelheid cash die vastzit in het bedrijfsproces ook bepaald door het debiteuren- en voorraadbeheer.
 
Aantrekkende economie
Vooral de voorraden zijn in 2015 weer snel opgelopen. Volgens Siemes is deze ontwikkeling waarschijnlijk het gevolg van het aantrekken van de economie. De voorraden zijn gedurende de economische crisis tot een minimum teruggebracht. Nu de vraag weer aantrekt, brengen bedrijven hun voorraad weer op peil. Die ontwikkeling komt bovenop een al jaren durende trend, waarbij de globalisering van de wereldeconomie de voorraden opdrijft. Goederen worden immers vaak op een andere plaats in de wereld gemaakt dan waar ze worden verkocht. Zodra die goederen aan boord vaneen schip gaan, komen ze als voorraad op de balans van de afnemer. En een zeereis vanuit China naar Europa duurt zo zes weken.
 
De boodschap van het PwC-onderzoek is dat het werkkapitaalbeheer weer aan het verslappen is en dat bedrijven daar vanuit het oogpunt van een efficiënte omgang met cash naar moeten kijken. PwC heeft ook een berekening gemaakt van het verbeterpotentieel door voor iedere sector te kijken hoe de 25% beste bedrijven presteren en daar de Nederlandse en Belgische bedrijven tegen af te zetten. Zo komt PwC tot een verbetermogelijkheid van zo'n € 20 miljard.
  • 2 September 2006
  • BVCM
  • FD