Late Payment Directive
De volledige Europese economie wordt negatief beïnvloed door betalingsachterstanden. Om Europese bedrijven, met name het MKB, tegen late betaling te beschermen, heeft de EU in 2011 de Richtlijn 2011/7/EU betreffende bestrijding van betalingsachterstand bij handelstransacties aangenomen.

Elk jaar gaan er in Europa duizenden kleine en middelgrote ondernemingen failliet, in afwachting van hun facturen. Hierdoor gaan banen verloren en ondernemerschap wordt verstikt. Betalingsachterstanden veroorzaken administratieve en financiële lasten, die met name acuut zijn wanneer bedrijven en klanten zich in verschillende EU-landen bevinden. Grensoverschrijdende handel wordt onvermijdelijk beïnvloed.

Om Europese bedrijven te beschermen tegen betalingsachterstand en hun concurrentievermogen te verbeteren, werd Richtlijn 2011/7/EU betreffende bestrijding van betalingsachterstand bij handelstransacties op 16 februari 2011 goedgekeurd en zou deze door EU-landen in nationale wetgeving worden geïntegreerd. Deze richtlijn stelt strenge maatregelen vast die, mits op de juiste wijze uitgevoerd door EU-landen, aanzienlijk zullen bijdragen tot werkgelegenheid, groei en verbetering van de liquiditeit van ondernemingen.

De belangrijkste richtlijnen van de Late Payment Directive op een rij:

  • Overheidsinstanties dienen goederen en diensten die zij aanschaffen binnen 30 dagen te betalen, of in uitzonderlijke gevallen binnen 60 dagen;
  • Contractvrijheid bij handelstransacties tussen ondernemingen: ondernemingen dienen facturen binnen 60 dagen te betalen, tenzij in de overeenkomst uitdrukkelijk anders is overeengekomen en mits daarbij geen sprake is van kennelijke onbillijkheid jegens de schuldeiser;
  • Ondernemingen hebben automatisch aanspraak op interest voor betalingsachterstand en op een vast minimumbedrag van 40 euro als compensatie voor invorderingskosten. Zij kunnen ook een redelijke schadeloosstelling vorderen voor alle invorderingskosten die dat vaste bedrag te boven gaan;
  • De wettelijke interestvoet voor betalingsachterstand wordt verhoogd tot minstens 8 procentpunten boven de referentie-interestvoet van de Europese Centrale Bank. Het is overheidsinstanties niet toegestaan een interestvoet voor betalingsachterstand vast te stellen die onder deze drempel ligt;
  • Het wordt gemakkelijker voor ondernemingen om kennelijk onbillijke bedingen en praktijken te betwisten bij nationale rechtbanken;
  • Meer transparantie en bewustmaking: lidstaten worden verplicht de interestvoeten voor betalingsachterstand te publiceren, zodat alle betrokken partijen op de hoogte zijn;
  • De lidstaten worden aangemoedigd om praktijkcodes voor stipte betaling in te voeren;
  • De lidstaten mogen ook in de toekomst wettelijke bepalingen handhaven of in werking doen treden die gunstiger zijn voor de schuldeiser dan die van de richtlijn;

Klik hier voor meer informatie over de Late Payment Directive.
  • 17 June 2019
  • www.ec.europa.eu