Het korte antwoord hierop is een krachtig NEE, de technologische ontwikkelingen zijn niet meer te stoppen. De verandering in denken, doen en laten is ook irreversibel en dat is niet iets om bang van te worden of je ongerust over te maken. Het is juist interessant dat er zoveel nieuwe relaties zijn te leggen en zich dus veel meer mogelijkheden voordoen, het meest éénvoudige feit is dat je de wereldmarkt aan je voeten hebt liggen, echt binnen handbereik.

Figuur 1
Figuur 1. Terug naar de adaptie levels

Vanuit klant perspectief (en dus je klant) bezien is het adaptielevel heel anders, hier komt de inter menselijke relatie steeds meer naar voren. Tegenwoordig heel vaak met UX of CX aangegeven, de User Experience resp. Customer Experience. Succesvolle (digitale) formules springen hier dan ook heel intelligent in, in het creditmanagement blijft dit toch een lastig onderwerp. Het technische vlak, wat zich exponentieel ontwikkelt, gaat veel sneller dan de meeste mensen kunnen bevatten of simpelweg nodig hebben. De nadruk komt dan meteen op de relatie te liggen, hier kunnen we vanuit de historie en door automatisering wel veel meer relaties van maken.

Figuur 2
Figuur 2. De zes dimensies van klantbeleving (klik hier voor een grote afbeelding)

Politiek of de wetgever is een ander verhaal, de adaptielevels liggen hier dicht tegen de horizontale as: er gebeurt nauwelijks iets in de tijd. Door de afhankelijkheid tussen politiek en wetgever is het volgen van de ontwikkeling voor de laatste ronduit gezegd lastig. Dat zie je terug in de nieuwste wetgeving die slaat op de (digitale) technologische ontwikkelingen en het laatste regeerakkoord. De wetgever verandert van opsporing en handhaving naar een meldingsplicht en draait de zaken om.
 
Het regeerakkoord had ook wat ambitieuzer gekund, het digitaal beleid lijkt nu veel op het milieubeleid van twintig jaar geleden en dat is een zorgelijke ontwikkeling. Digitale ontwikkeling gaat immers exponentieel in ontwikkeling en voor milieu geldt dat niet. Digitalisering is onze samenleving al ingrijpend aan het veranderen, een achterblijvend beleid is dan een risico, meer vooruitstrevende landen hebben dan snel een exponentiele voorsprong (voorbeeld Estland).

Volgens hoogleraar digitale strategie Aris moet de nationale regering drie initiatieven initiëren:
  • Het eerste belangrijke initiatief is zorgen voor een superieure digitale infrastructuur. Lang liepen wij hiermee voorop, maar de laatste jaren zijn we blijven steken. Bij vorige technologische revoluties is het ook de overheid geweest die de investeringen in bijvoorbeeld spoorwegen mogelijk maakte.
  • Het tweede initiatief is een ‘Deltaplan voor Data’. De grootste voorsprong die de internetgiganten hebben, is hun toegang tot data en hun vermogen die te analyseren. Gelukkig beschikken de meeste bedrijven nog over veel eigen data, maar die zitten in oude databases en kunnen maar beperkt gebruikt worden. Via de MERCURY methodiek is hier snel inzicht in te krijgen en duidelijk waar het verschil valt te maken.
  • Ten derde gaat het erom Nederland tot het digitaal vaardigste land te maken, bijvoorbeeld door het verplicht stellen van digitale inburgering voor iedereen. Digitaal onderwijs voor jongeren is belangrijk, maar het zijn vooral de volwassenen die de grootste fouten maken met betrekking tot privacy en die nu in de digitale wereld moeten leren werken. 
Wlit u graag meer weten over dit onderwerp of wilt u graag tips om zelf aan de slag te gaan? Neem contact op met BVCM of direct met Igor Wortel via 06-14245649 of igor@phalanxes.eu.
  • 4 December 2017
  • Igor Wortel